• Algemene afbeelding 1
  • Algemene afbeelding 3
  • Algemene afbeelding 2
Overdracht en Samenwerking

Op verschillende terreinen doen we aan overdracht van samenwerking. Dat doen we door kennis en ervaring van het werken met de presentiebenadering te delen en mee te helpen ontwikkelen.

Op het terrein van buurt, samenleving en presentie doen we dat met name op de volgende plekken:

TrainingsCentrum Kor Schippers (TCKS)

Titus maakte deel uit van het team trainers/begeleiders van het TCKS. Hier wordt deskundigheid verzameld rond diverse vormen van ingebedde presentie in de wijk. De teamleden kennen uit eigen ervaring de uitdagingen waar werkers, bestuurders en vrijwilligers tegenaan lopen. Titus gaf o.a. begeleiding aan vrijwilligers die in zelfbeheer een buurthuis runnen en aan de betrokken werkers en hun bestuur. Daarnaast gaf hij begeleide intervisie aan coördinatoren van inloopcentra.

Een belangrijk leerpunt hierbij is dat het niet vanzelfsprekend blijkt om te werken met een feedbackgroep van deelnemers van de werkplek. Het blijkt nog niet zo eenvoudig om collega-werkers te laten vertrouwen op de inbreng van wijkbewoners in het beheerproces van hun locaties. Ik merk dat ze beducht zijn voor meningsverschillen, fricties en wrijvingen tussen bewoners/deelnemers. Professionals schrikken ervoor terug om tijd en aandacht te investeren in kwalitatieve groepsgesprekken met bewoners over het reilen en zeilen in het pand. Ze denken al gauw dat het nodeloos ingewikkeld wordt en teveel tijd vraagt: daarom besteedt men liever geen tijd en aandacht aan wederkerige participatie van deelnemers in het ontwikkelproces van activiteiten.

Dit is besproken in de intervisie. Sindsdien wordt er op alle locaties geëxperimenteerd met een centrale deelnemersgroep. Eén van de collega's roept bijvoorbeeld 1x per drie weken alle gastheren en gastvrouwen voor overleg bij elkaar. Ze zegt daarover: 'Het valt mij op dat iedereen heel trouw komt. Ze zijn super betrokken. Ik kan informatie terugkoppelen aan iedereen; zo raken we up to date met elkaar. Er ontstaat gewenning. Er is veel te bespreken. Ze voelen zich belangrijk daardoor! Het is wel meer recht voor z'n raap, meer conflicten'. Een ander zegt: 'Ik kom nu elke woensdagmorgen met de kerngroep bijeen: die bestaat uit vier vaste kernleden. Dan nemen we de week door. Het geeft structuur, ze nemen het zelf heel serieus. Ik krijg een andere rol. Het gaat nu meer over hoe je met elkaar omgaat.' 'En 1x er 6 weken hebben we nu een overleg met iedereen die wil. Het is wel spannend hoor!'

Het nadenken over de vraag: hoe zou je kunnen werken aan een vorm van gereguleerd groepsoverleg van je gastvrouwen en je gasten? biedt een nieuwe focus. Er is een professional die nu eenmaal per zes weken een gastvrouwen-bijeenkomst heeft. Ze vertelt daarover het volgende: 'Ik heb telkens een tafel vol! De laatste tijd komen er steeds meer ideeën. Iemand zei 'het is alsof ik nu een team krijg!' We hebben vorige keer afgesproken dat we roulerend gaan voorzitten. Ik wil steeds minder de reflex 'de coördinator zegt wat nodig is'. Ik merk dat nu meer vrijwilligers verantwoordelijkheid nemen. Had ik niet verwacht....' De coördinator verwondert zich hierover. We vinden dit een waardevol inzicht en gaan hier op door.

Stichting Presentie

Monique en Heleen namen deel aan het kadernetwerk Presentie en namen samen met andere leden van de Stichting Buurtpastoraat deel aan de studieochtenden. Ook namen zij veelal samen met Jan Franken deel aan gesprekken in het kader van de samenwerking van de Stichting Presentie en de Stichting Buurtpastoraat Utrecht. Heleen participeerde driemaal als praktijkdocent, gevraagd voor de cursus 'Inleiding in de theorie van de presentie' van Stichting Presentie met als thema Exposure.

Leefwereldteam

Met het leefwereldteam, dat van start is gegaan in augustus 2013, geven we met Stichting Presentie, Stichting Buurtpastoraat Utrecht en Stichting Me'kaar vorm aan de ambitie van de gemeente in het kader van het vernieuwend welzijn om de meest kwetsbare groep burgers te bereiken en hen tot steun te zijn, gebaseerd en voortbouwend op reeds bestaand presentiewerk in achterstandswijken. Dit doen wij in een context van een sterk wijzigend werkveld en veranderende wetten en politieke opvattingen. In 2015 is gewerkt conform het werkplan. Elke vier weken is het leefwereldteam bijeengekomen waarvan twee bijeenkomsten in het afgelopen jaar gebruikt zijn om te verdiepen op kennis van de presentiebenadering en het toepassen daarvan in de praktijk. Uitgangspunt voor de bijeenkomsten vormen de logboeken die door de deelnemers geschreven worden, over de realiteit van hun werk, waarover ze zoekend zijn en die we op een lerende manier met elkaar onderzoeken. In het leefwereldteam kiezen we ervoor 'dicht op de huid' te kruipen. We willen leren van wat er aan casussen op tafel ligt, dat betekent dat de situatie uit de casus op tafel ligt, maar dat bovenal de keuzes, gedachten, overwegingen van de werker bevraagd en onderzocht worden. Dat is een kwetsbare positie die om een veilige leeromgeving vraagt.
Het afgelopen jaar is het leefwereldteam fors uitgebreid. Stichting JoU is deel gaan nemen in de vorm van een jongerenwerker. Vanuit de Buurtteams Sociaal zijn twee werkers gaan deelnemen. Vanuit Buurtteams Jeugd nam al één werker deel. Vanuit Me' kaar komt ook steeds meer interesse en meer Sociaal Makelaars uit de betrokken buurten sluiten aan. Daarnaast heeft de Sociaal Makelaar die voorheen in de Eerste Daalsedijkbuurt werkte en nu een andere taak heeft elders in de stad voor Me'kaar, het verzoek gedaan toch deel te mogen nemen, omdat ze er zoveel van leerde. Dat hebben we gehonoreerd (en zijn er heel blij mee). Inmiddels bestaat het Leefwereldteam nu uit 12 deelnemers. Heleen en Monique hebben vanuit de Stichting Buurtpastoraat in het Leefwereldteam, conform plan, vanuit hun jarenlange ervaring de rol van voordoen in de praktijk vervuld. Stichting Presentie faciliteert het leren inhoudelijk.

Inzichten die ons verder kunnen helpen

De ervaringen van het afgelopen jaar leren ons:

dat professionals (en daarmee buurtbewoners) gebaat zijn bij het keer op keer stilstaan bij de finalisatievraag in hun werk: waar gaat het hier uiteindelijk om? Goede, inhoudelijke begeleiding blijkt behulpzaam om koers te vinden en te behouden;

dat werken in en vanuit de leefwereld van buurtbewoners leidt tot inzichten en handelingsperspectieven die vanuit een buitenpositie niet bereikt worden;

dat Sociaal Makelaars een belangrijke brugfunctie vervullen tussen (de meest kwetsbare) buurtbewoners en hulp en dat deze functie van grote betekenis is als deze relationeel wordt vervuld;

dat sociale professionals een belangrijke gewetensfunctie (dienen te) vervullen als moreel kompas, om in buurten te begrijpen wat wel en wat niet bijdraagt aan goed samenleven, ook, of juist, voor de meest kwetsbare mensen in de samenleving;

dat zorgvuldig en langdurig opgebouwde veiligheid en 'thuisgevoel' in speeltuinen kwetsbaar zijn en gemakkelijk onder spanning komen te staan als voorzieningen 'door de buurt' worden overgenomen; een gegeven waarvan men zich in de discussie over inzet van vrijwilligers en deprofessionalisering rekenschap zou moeten geven;

dat de spanning tussen politieke druk en de werkelijkheid van alledag alom aanwezig is en het verdient om gethematiseerd en bekritiseerd te worden op alle niveaus, om de ruimte te behouden voor daadwerkelijke vernieuwing en ideologie te bestrijden;

dat ruimte om in lerende verbanden te kunnen blijven ontwikkelen in het (nieuwe) sociale domein (dwars door organisaties heen) van belang is om ook de komende tijd kritisch met elkaar na te kunnen denken over de benodigde en passende bijdrage van professionals en vrijwilligers in dit domein.

De 'verhalengroep' als leerplek

Deze groep is een vorm van deskundigheidsbevordering waarbij buurtpastor Titus Schlatmann collega's in de buurt uitnodigt bijeen te komen ten behoeve van kennisversterking in de eerste lijn. Vanuit de ervaringsverhalen die concreet ingebracht worden door iedere werker ontstaan er spiegelmomenten en komen er inspirerende voorbeelden aan de orde. Dit draagt bij aan de inhoudelijke verdieping van ieders werk. Het gaat hier om een interdisciplinaire studiegroep: een groep waarbij collega's uit het eerstelijns-wijkwerk met elkaar werkervaringen uitwisselen door middel van praktijkverhalen. Door de feedback en de werking van de groep ontstaat een kwaliteitsimpuls voor het eerstelijnswerk. De werkers vergroten hun 'presentie-gehalte' en hun arbeidsvreugde.

OVERDRACHT EN SAMENWERKING RELIGIEUZEN EN PAROCHIES

Religieuzen

Jaarlijks hebben we twee ontmoetingen met de religieuzen uit verschillende ordes en congregaties. We waarderen het erg dat de religieuzen ons werk ondersteunen sinds we niet meer gesteund worden door het bisdom en voelen ons zeer met hen verbonden. Ook in 2015 hebben we twee ontmoetingen met de religieuzen gehad. Tijdens de bijeenkomsten was er ruimte voor ontmoeting, bezinning en reflectie. Op de eerste bijeenkomst stond het thema 'exposure' centraal. We stonden erbij stil hoe het is om in een nieuwe buurt aan het werk te gaan en om ondergedompeld te worden in de leefwereld van buurtbewoners. Dit deden we aan de hand van logboekverslagen van Heleen, Susanne (stagiaire) en Elizabeth, die dit jaar in een nieuwe buurt zijn gaan werken. In hun logboekverslagen kwam naar voren hoe ongemakkelijk het is om in een buurt rond te lopen zonder te weten wat je precies komt doen, hoe het leven er in de buurt aan toe gaat en wat jouw rol kan zijn. Het was waardevol om te merken dat de logboekverslagen veel gesprekstof over ons werk opleverden. Hierin kwam onder andere naar voren dat je vaak al je kennis en ervaring uit je opleiding moet parkeren om de ander open tegemoet te kunnen treden. Het was ook mooi om te horen hoe sommigen van de religieuzen soortgelijke ervaringen deelden die zij in hun eigen werk hadden meegemaakt.

Op de tweede bijeenkomst stonden we stil bij een logboekverslag over een huiswerkgroepje dat Monique begeleidt. Voorafgaand aan deze bijeenkomst hadden we het verslag en bijbehorende vragen gelezen. We bespraken wat het woord 'huiswerkgroepje' bij ons opriep en of dit overeen kwam met wat Monique beschreef over hetgeen er gebeurt in het huiswerkgroepje. Dit deden we eerst in kleine groepjes waarna we er plenair over doorpraatten. Het bleek niet eenvoudig om precies te beschrijven wat er gebeurt in de tijd die Monique met de kinderen doorbrengt. Wel werd duidelijk dat het veel meer is dan alleen maar huiswerk uitleggen en maken, maar dat het eigenlijk meer gaat over levenslessen die spontaan plaatsvonden in het samenzijn en de interactie van Monique en de kinderen. Het was zinvol om met elkaar in gesprek te gaan en te oefenen met het geven van woorden aan ons werk in de buurt.

Diaconale werkers en Parochies

Twee of drie keer per seizoen ontmoeten wij parochiepastores, met name de profielhouders 'diaconie'. Wij wisselen met hen uit wat wij allen her en der in de stad signaleren aan verborgen nood onder de wijkbewoners. En wij delen met elkaar wat ieder binnen zijn of haar mogelijkheden kan betekenen voor mensen in de knel en in hoeverre dit aanvullend is. We delen tips en suggesties met elkaar.

De afspraak is dat wij als buurtpastores bij toerbeurt een column aanleveren voor de parochiebladen. Daarnaast komt het voor dat wij bij gelegenheid binnen parochieverband iets komen vertellen over ons werk.

Pech en MazzelPot, Parochiële Caritas Instelling, Protestantse Diaconie

In 2015 hebben zijn we vier keer bijeengekomen in de Pech en Mazzelpot Commissie. Buurtpastores kunnen in deze commissie aanvragen voor buurtbewoners inbrengen als het gaat om relatief kleine bedragen die vaak niet elders kunnen worden aangevraagd. Het gaat dan om acute nood of het ontbreken van de tijd om een gecompliceerde aanvraag elders te doen, waar vaak weken gewacht moet worden op al dan niet een toekenning. Soms schiet de pechpot voor, zodat er tijd wordt geboden om op een aanvraag te wachten en de situatie ondertussen niet in de soep te laten lopen. Vanwege de terugkeer van Monique konden we de verantwoording van de afgelopen 3 jaar richting de KCU die het potje van de Pech en Mazzelpot beschikbaar stelt, alsnog afronden.

Voor grotere bedragen hebben we dit jaar ook een aantal maal succesvol een beroep gedaan op de verschillende PCI-en in de stad (Parochiele Caritas Instellingen). Deze samenwerking stellen we zeer op prijs. We merken dat in toenemende mate kwetsbare buurtbewoners in de knel komen tussen wet- en regelgeving en buiten hun schuld om in financiële problemen komen. Ook zien we soms dat er door bezuinigingen eigen bijdragen van bewoners worden gevraagd die voor hen onbetaalbaar zijn. De PCI-en zijn blij dat we de kerk bij de acute nood kunnen betrekken. Datzelfde geldt voor de protestantse diaconie Zuilen die ook met kleine bedragen geholpen heeft in de ondersteuning van buurtbewoners.

SAMENWERKING MET FONDSEN EN GEMEENTE

In dit jaarverslag leest u wat buurtpastores doen en tegenkomen. Om dit werk financieel mogelijk te maken is jaarlijks eveneens veel werk te verzetten. Op een enkele subsidie na moeten bedragen jaarlijks aangevraagd en verantwoord worden. En omdat de uiteindelijke beschikking van de gemeente meestal pas in december afkomt en op 25% van de begroting betrekking heeft, moet er alternatieve financiering aangevraagd worden om een (gedeeltelijke) afwijzing op te vangen. Lukt dat niet dan heeft dat directe personele consequenties.

De afgelopen jaren hebben we als stichting alles wat wijzelf in het tijdpad in eigen hand hebben al naar voren getrokken. Aanvragen naar fondsen gaan op zijn laatst in juli of begin augustus uit en dan is tevoren al gecheckt of ze kansrijk zijn. Vaak weten we voor dat deel van de begroting dan wel in oktober waar we op kunnen rekenen. Ook het Jaarverslag, waarin we verantwoording afleggen over het afgelopen jaar is steeds eerder klaar. Eind van het eerste kwartaal ligt het er en dat is heel prettig, omdat we daardoor geen dubbele verantwoording meer hoeven te doen. Omdat sommige fondsen in februari/maart de verantwoording willen en vroeger het jaarverslag pas in juli verscheen, werd een deel van het werk toen twee keer gedaan.

Door het jaar heen vinden zowel met fondsen als met de gemeente gesprekken plaats aan de ene kant over de resultaten van het werk en aan de andere kant over criteria waaraan nieuwe aanvragen moeten voldoen. En in het kader van het project van het Kansfonds "Opvoeden en opgroeien in armoede" zit aan de subsidie de voorwaarde vast, dat er twee keer per jaar aan een bijeenkomst wordt meegewerkt, waarin de verschillende projecten in het land ervaringen en kennis met elkaar uit wisselen.

Andere belangrijke samenwerkingspartners zijn woningcorporatie Bo-Ex, Sociaal Makelaarsstichting Me'kaar, Wijkbureau Noord-West en Stichting Presentie, daarmee vindt regelmatig afstemmingsoverleg plaats.

Naast genoemde samenwerkingspartners wordt er ook gesproken met potentiële partners. De samenwerking met Bo-EX is ontstaan doordat we als buurtpastoraat n.a.v. onze ervaringen in Queeckhoven bij Mitros ook met Portaal en Bo-Ex zijn gaan praten en hebben aangegeven wat buurtpastoraat voor een corporatie zou kunnen betekenen.

In 2015 hebben we ook gesprekken gevoerd met het KFHeinfonds, maar tot nu toe niet met het gewenste resultaat. Acquisitie, want zo kun je dat ook noemen, wordt steeds meer onderdeel van het werk.

Er is eind 2015 een verkennend gesprek geweest met een vertegenwoordiger van de Stichting Oude RK Aalmoezenierskamer van de Oud Katholieke Diaconie. Dit heeft ertoe geleid dat zij een bijdrage leveren aan de pechpot, dat onze jaarlijkse heidag op hun locatie gehouden kan worden zonder dat daarvoor betaald moet worden en in de toekomst is samenwerking bij een specifiek project bespreekbaar.

 
 
*