• Algemene afbeelding 3
  • Algemene afbeelding 2
  • Algemene afbeelding 1
EERSTE DAALSEDIJKBUURT

door Rutger van Breemen

1. Introductie

2016 was voor mij het jaar van de onderdompeling in de buurt. Ik was een nieuwkomer in de wijk. Voor mij waren alle buurtbewoners nieuw, en ik was nieuw voor hen. Ik heb velen van de buurtbewoners leren kennen, maar er zijn er ook veel, die ik nog niet heb ontmoet.

Het leren kennen speelt zich af op verschillende niveaus. Sommige mensen ken ik van een groet, een zwaai of een vriendelijk knikje in het voorbijgaan. Bij andere mensen zit het een stapje dieper. Met hen heb ik een praatje gemaakt over mijn werk als buurtpastor en over hun leven in de buurt. Maar die relaties hebben zich (nog) niet verder verdiept dan wat grote lijnen. Er is ook een groepje mensen, waarbij het contact intensief is geworden. Die ik regelmatig zie en spreek, waar ik op bezoek kom en waar ik samen mee optrek.

Het worden van een bekend gezicht en een vertrouwenspersoon is geen proces dat even in een paar weken gebeurd is. Het is een traject van lange adem, van volhouden en proberen. Soms lukt het en kom je een stap verder, soms gaat het even niet en zet je weer een stapje terug. Het blijkt steeds maar weer dat het niet gemakkelijk is, om zo maar je hele ziel en zaligheid bloot te geven aan iemand, die je eigenlijk helemaal niet zo goed kent. Daar is vertrouwen voor nodig. Vertrouwen dat gewonnen moet worden en vertrouwen dat steeds weer bevestigd moet worden.

Het belangrijkste dat ik daarvoor inzet is mijn beschikbaarheid. Het laatste halfjaar ben ik daar vooral mee bezig geweest. Ik ben aanwezig geweest in de buurt en ik was beschikbaar. Ik heb er rondgelopen en rondgehangen. Ik was in de speeltuin. Zo heb ik steeds meer mensen ontmoet en leren kennen. En, nog belangrijker, de buurtbewoners hebben mij leren kennen. Ze hebben me bevraagd, wie ik ben en wat ik kom doen. Ik heb hun mijzelf geboden; ze kunnen bij mij terecht met allerlei vragen. Of het nu een vraag is over een formulier dat ingevuld moet worden, of gewoon even een goed gesprek; daarvoor ben ik beschikbaar. De buurtbewoner bepaalt mijn agenda en mijn rol als buurtpastor voor hem of haar.

Monique de Bree en ik hebben de verdeling gemaakt dat ik mij in de buurt vooral op de kinderen (en hun ouders) richt. Daarom heb ik veel energie gestoken in het leren kennen van de kinderen. In de speeltuin, in de voetbalkooi, op straat, overal waar ik kinderen tegenkwam, heb ik geprobeerd met hen in contact te komen. Dat begint vaak met een spelletje, samen stoepkrijten of het samen lezen van een boek. Het valt me steeds op hoe snel kinderen me vertrouwen en bereid zijn om tijdens een potje tafelvoetbal te vertellen wat hen bezighoudt en zorgen baart. In die 'verdunde ernst', waarin de belangrijke zaken tijdens luchtige activiteiten in de veilige context besproken worden, komen kinderen vaak los en leggen ze hun hart bloot. Zo mag ik steeds meer bij hen binnen kijken en kom ik ze steeds meer nabij.

2 Aantallen en achtergronden van bezochte huishoudens in 2016

In onderstaande tabellen heb ik in cijfers inzichtelijk gemaakt welke contacten ik heb opgebouwd in de buurt. In tabel 1 heb ik mijn totale bereik opgesplitst in regelmatig en intensief optrekken. In tabel 2 en 3 ben ik steeds uitgegaan van het totale bereik, oftewel van het totaal aantal mensen met wie ik in de buurt contact heb.

Tabel 1 Overzicht contacten met het buurtpastoraat

Aantal personen

Bereik 46

Regelmatig optrekken met buurtbewoners

10
Intensief optrekken met buurtbewoners 7

 

Tabel 2 Culturele achtergronden van de opgebouwde contacten

Aantal personen
Nederlands 14
Marokkaans-Nederlands 12
Turks- Nederlands 17
Andere achtergronden 3
Totaal 46

 

Tabel 3 Leeftijden opgebouwde contacten

Aantal personen
Kinderen 0-12 jaar 20
Jongeren 13-18 jaar 7
Jongvolwassenen 19-25 jaar 2
Volwassenen tot 65 jaar 16
Volwassenen 65+ 1
Totaal 46

 
3. Thematieken en levensgebeurtenissen

In de relatief korte tijd, die ik nu in de buurt ben, heb ik met veel mensen gesproken. Soms wat oppervlakkig, soms juist diep en ingrijpend. Tijdens de vele gesprekken die ik met buurtbewoners heb, komen eigenlijk alle aspecten van het leven wel ter sprake. Het is opvallend en mooi om te merken, hoeveel van zichzelf, hoeveel kwetsbaarheid mensen durven bloot te geven. Daar is vertrouwen voor nodig. De belangrijkste onderwerpen die ter sprake komen zijn te clusteren in een aantal onderwerpen, wat absoluut niet wil zeggen, dat ze zo te onderscheiden zijn; veel thema's hangen met elkaar samen en beïnvloeden elkaar.

  • Alledaagse dingen

Veel gesprekken beginnen over alledaagse dingen. Over het weer, gamen, een verbouwing in de straat, voetbal, een nieuwe tafel in de speeltuin, het nieuws, familie. Hoewel het soms gesprekken over koetjes en kalfjes lijken, zijn ze belangrijk. Mensen tonen hierin zichzelf, wat ze belangrijk vinden, wat ze aan me kwijt willen. Het zijn kapstokjes voor diepere gesprekken.

  • School

School is voor kinderen en jongeren een heel belangrijk onderdeel van hun leven. Ze vertellen er graag over. Over de leerkrachten, klasgenootjes, welke vakken ze moeilijk of juist makkelijk vinden, wat wel en niet leuk is op school. Maar ook over keuzes maken, vervolgopleidingen, toekomstdromen. En over sociale interactie op school: vriendjes, pesten, verliefdheid.

  • Levensvragen

Vreugde en teleurstelling gaan vaak hand in hand. Als gesprekken zich verdiepen komen de levensvragen die daarbij horen aan de orde. Het kan dan gaan om alles wat de kern van het zijn raakt: schaamte en trots, schuldgevoel, omgaan met verlies of ziekte, hoop of wanhoop voor de toekomst, geluk en ellende, identiteit en de maatschappij.

  • Ziekte en dood

Ziekte en dood spelen een belangrijke rol in het leven van veel buurtbewoners. Het kan gaan om psychische of lichamelijke ziekte, chronische of terminale ziekten, lichamelijke ongemakken. Vaak heeft dit invloed op het leven van de buurtbewoners: ze kunnen niet meer werken, sociale contacten verwateren, ze lopen vast in de medische molen, ze komen in een isolement.
Ook de dood komt daarbij om de hoek kijken. De eigen naderende dood, het besef dat men sterfelijk is, of het verlies van een geliefde en alle rouw en verdriet die daarbij komen kijken.

  • Armoede en schulden

Veel buurtbewoners hebben te kampen met armoede en schulden. Er ontstaat een boel schaamte en pijn door armoede. Dit komt vaak niet direct ter sprake, maar wel impliciet. Mensen die aangeven moeite te hebben rond te komen, opzien tegen de verjaardag van een kind omdat een traktatie er echt niet in zit, slapeloze nachten van de schulden. Ook kinderen beseffen maar al te goed, dat hun ouders het niet breed hebben. Veel van hen zouden graag op een sport willen, maar weten dat dat niet gaat, omdat hun ouders het geld niet hebben.

  • Worsteling met bureaucratie en instanties

De meeste buurtbewoners met wie ik contact heb, komen wel in contact met een of meerdere instanties. Ik voer regelmatig gesprekken met buurtbewoners voor wie de taal van de instanties onbegrijpelijk is. Ze vinden het moeilijk om professionals, de bureaucratie, de formulieren die ingevuld moeten worden te begrijpen. De instanties en de buurtbewoners sluiten niet op elkaar aan. Ze verstaan elkaar niet. Het helpt als ik een vertaler kan zijn; de brug kan slaan tussen de buurtbewoner en de instanties.

 
 
*