• Algemene afbeelding 1
  • Algemene afbeelding 2
  • Algemene afbeelding 3
RIVIERENWIJK/KANALENEILAND

door Titus Schlatmann

Mijn werk in de wijk bestaat uit ontmoetingswerk: het is een bonte afwisseling van kortere en langere gesprekken met buurtbewoners, soms waren het eenmalige ontmoetingen maar vaak ook terugkerende. Ze hebben allemaal hun waarde. Ik heb in 2016 talloze mensen gezien en gesproken. Ik probeerde extra aandacht op te brengen voor mensen die nauwelijks anderen zien en spreken. Ik heb mij als buurtpastor zoveel mogelijk laten leiden door hun behoeften en belangen. Zij leven hun leven, individueel en collectief. Het werk beleef ik als dienstverlening aan hen. Tegelijk ontleen ik er zelf hoop, vreugde, kennis en kunde aan.

Ik probeer bij te dragen aan de kwaliteit van leven in de wijk. Ik doe dit door middel van het aanbieden van mijzelf en mijn tijd en aandacht. Ik zet geen projecten op. Ik werk in principe niet aan de uitvoering van 'plannen', dus in die zin werk ik ook niet planmatig. Ik ervaar daarin een verschil met de meeste collega's en organisaties in het sociale veld. Ik probeer in betrekking te komen en te blijven met kwetsbare mensen. Dat vind ik enorm moeilijk. Omdat het vertrouwen vaak kwetsbaar is, het taalveld en de belevingswereld anders. Als de betrekking lukt, blijkt daarin gaandeweg wat er toe doet voor die ander. Ik werk dus procesmatig.

Ik sprak mensen soms thuis. Maar ook vaak in buurthuizen. Dit waren de meest voorkomende deelonderwerpen in de gesprekken met mensen individueel: leven met schuldenproblematiek; de schaamte en het schuldgevoel, de verlegenheid en minderwaardigheid die dat teweeg brengt; maar tegelijk de verwondering hoe mensen het in Godsnaam totnutoe volgehouden hebben? Lukt het je om de stap te zetten naar het buurtteam en de voedselbank voor hulp? En als die stap wankel gezet was, stelde ik vaak de vraag: voel je je goed geholpen? Mensen worstelden vervolgens met de vraag: hoe overleef ik met heel weinig geld? Hoe kan ik ergens wat bijverdienen?

Het ging ook dikwijls over zorgen om de gezondheid, angst voor terugval in depressie of verslaving; de schaamte en verlegenheid rond eenzaamheid; over hoe kom ik mijn week door? Waar kan ik een beetje nuttig zijn? Waar kan ik een beetje meetellen? Hoe vind ik de weg naar boven? Hoe bouw ik mijn eigen leven weer op? En over het verdriet uit iemands jeugd wat je almaar met je meedraagt; over de lastige kanten die 'borderline' met zich mee brengt; wat moet ik doen nu ik ruzie heb? Wat moet ik doen als ik niet over mezelf wil laten heenlopen? Hoe kom ik dan voor mezelf op? Waar laat ik mijn frustraties, verdriet en onvermogen? Mijn teleurstelling bij het vastlopen van een relatie? Kan ik mij overgeven aan hoe mijn leven loopt? Ik ervaar heel veel behoefte aan aandacht voor deze thema's. Er was veel aan de hand in de levens van de mensen die ik sprak. Ik probeerde te luisteren, te ordenen soms, vertrouwen in ieders eigen kunnen te bieden, mijn eigen geraakt-zijn terug te geven, iemands kracht in herinnering te brengen.

Ik trok ook op met groepen bewoners. Mensen vroegen mij om aanwezig te zijn bij overlegsituaties of groepsgesprekken. Dan was het voor mij telkens een zoeken naar de rol die er van mij gevraagd werd. De ene keer verhelderde en verduidelijkte ik vooral het gesprek; de andere keer was ik er om de inbreng van iemand te helpen verwoorden. Het ging mij eigenlijk niet zozeer om snelheid, efficiëntie of daadkracht, maar veel meer om een soort proces-kwaliteit, dat ieder zich gezien en gehoord wist, dat ieder de ervaring had dat het uitmaakte dat je er was, dat je er toe deed.

Tijdens de groepsbijeenkomsten ging het dikwijls over: het samen zoeken naar wat mensen wilden bereiken; ze hadden zo hun plannen en ideeën! De kunst was: lukte het om zoveel mogelijk naar ieders inbreng te luisteren? Om te zoeken naar het goede verstaan van elkaar en elkaar te begrijpen? Het zoeken naar de goede samenwerking met elkaar? Ik probeerde dit vaak tussendoor te 'peilen' in het gesprek, door alert te zijn op ieders houding en uitdrukking en zo nodig iemand extra uit te nodigen haar of zijn inbreng te geven. Of juist om ieder te attenderen om naar die ene ander te luisteren. Het was een vorm van aandachtig deelnemen.

Moeilijk voor mij, maar ook voor anderen, was vaak het omgaan met het uithouden van de onderlinge spanning, het omgaan met meningsverschillen; het omgaan met negatieve beeldvorming over elkaar; het samen zoeken naar een uitweg of een goede middenweg. De rode draad door het jaar heen was toch elke keer wel of het mij lukte om een veilige bedding te bieden, waarin iedereen de ruimte kreeg om volwaardig en gelijkwaardig als mens te verschijnen. Want iedereen telt.

Op diverse plekken begeleidde ik mensen in hun gezamenlijk beheer van buurtlocaties in zelfbeheer. Ik zag hoe men zich optrok aan het eigenaarschap en de zeggenschap omtrent de gang van zaken. Mensen ontleenden er waardigheid en trots aan. Ik zag hoe hun eigenwaarde groeide en hoe zij in positieve zin verrast werden door elkaar. Fantastisch was het wanneer het me lukte om dat te benoemen.

Laatst las ik dat bijna de helft – 43 procent – van de professionals in het sociale domein weinig tijd besteedt aan het organiseren van informele netwerken. Ze hebben te veel andere taken. Dat betreur ik.

Mensen blijken behoefte te hebben aan gezelschap, merk ik, aan – minstens – een paar vertrouwde bekenden om je heen. Hoe vind je die? Dat is dan een levensgrote vraag. Een mogelijkheid is om je ergens bij aan te sluiten, als deelnemer en misschien wel als mede-vrijwilliger van een bewonersactiviteit. Het kwam dan ook in mijn werk nogal eens voor, dat iemand vrijwilligerswerk zocht, of dagbesteding, of gewoon een beetje aansluiting bij de rest. Dat bleek o zo belangrijk voor veel mensen. Samen met hen probeerde ik die aansluiting te maken. Door iemands komst zorgvuldig aan te kondigen. Door onderlinge kennismakingen op de juiste momenten te organiseren, zodat er aandacht is. Door iedereen op haar/zijn gemak te stellen en te laten zien dat je er mag zijn zoals je bent. Zo zocht ik, zorgvuldig, naar meer onderlinge verbinding tussen de deelnemers.

Collega's van het buurtteam ontdekten ook hoezeer het van belang is voor hun cliënten om aan te kunnen en mogen sluiten op buurt- en bewonersinitiatieven. Daarom kwam het nogal eens voor dat ze mij benaderden met de vraag om hulp hierbij, omdat ik veel van die initiatieven ken en kan helpen met de juiste match tussen de 'cliënt' en actieve andere buurtbewoners. Dan fungeer ik als schakel ten behoeve van de sociale inweving van buurtbewoners die behoefte hebben aan aansluiting bij anderen.

 

Tabel 1 Overzicht contacten met het buurtpastoraat

Aantal personen
Bereik 650
Regelmatig optrekken met buurtbewoners 95
Intensief optrekken met buurtbewoners 42

 

Tabel 2 Culturele achtergronden van de opgebouwde contacten

Aantal personen
Nederlands 562
Marokkaans-Nederlands 58
Turks-Nederlands 12
Andere achtergronden 18
Totaal 650

 

Tabel 3 Leeftijden opgebouwde contacten

Aantal personen

Kinderen 0-12 jaar 0
jongeren 13-18 jaar 1
Jongvolwassenen 19-25 jaar 24
Volwassenen tot 65 jaar 400
Volwassenen 65+ 225
Totaal 650
 
 
*